Hartelijke dank voor uw bijdrage


Auteur:
Dr. Pierre Zelissen
 
In samenwerking met :  

Nederlandse Hypofysestichting


lettergrootte: A  A  A
Ligging, bouw en functie van de hypofyse

 
In ons hoofd ligt de hypofyse: een klein – ‘een flinke erwt’ – orgaan, dat verschillende belangrijke functies heeft. In dit eerste hoofdstuk wordt uitgebreid stilgestaan bij dit voorname orgaantje.

De hypofyse is een klein, maar uiterst belangrijk orgaantje in ons hoofd. De naam is afkomstig uit het Grieks en betekent ‘iets dat van onderen is aangebracht’ en het verwijst hiermee naar het feit dat de hypofyse onder aan de hersenen hangt. Het Nederlandse woord voor hypofyse is dan ook hersenaanhangsel. In het Engels wordt de hypofyse gewoonlijk pituitary gland genoemd; dit is afgeleid van het Latijnse glandula pituitaria en betekent letterlijk slijmvormende klier. Vroeger werd gedacht dat via de hypofyse allerlei afvalstoffen uit de hersenen werden verzameld om daarna door de neus afgevoerd te worden, tegenwoordig weten we dat de hypofyse een heel belangrijke producent is van allerlei hormonen die direct aan het bloed worden afgegeven.

Bolvormig orgaantje
De hypofyse is een bolvormig orgaantje met een doorsnede van ongeveer 1 cm, dus ongeveer zo groot als een flinke erwt en zij weegt niet meer dan een halve gram. De hypofyse ligt goed beschermd in een uitstulping van het bot van de schedelbasis. Deze uitstulping heet Turks zadel (sella turcica) vanwege haar vorm met een hoog oplopende voor- en achterkant en lage, brede zijkanten. Aan de onder- en voorkant van het Turks zadel ligt een met lucht gevulde holte in het wiggebeen, een van de botstructuren van het aangezicht; deze holte heet sinus sphenoidalis en behoort tot een van de neusbijholtes. Vlak hiervoor en hieronder bevindt zich de achterkant van de neusholte. Men kan de plaats van de hypofyse dus eenvoudig aanwijzen door een denkbeeldige lijn te trekken horizontaal het hoofd in vanaf de neusbrug.

Aan de bovenkant is de hypofyse door middel van de hypofysesteel verbonden met een belangrijk onderdeel van de hersenen, de hypothalamus. Vlak vóór de hypofysesteel ligt een kruispunt van twee belangrijke zenuwen, namelijk de zenuwen die afkomstig zijn uit beide ogen en aan de hersenen doorgeven wat onze ogen zien. Dit zenuwkruispunt heet chiasma opticum.

Figuur 1. De hypofyse ligt midden in het hoofd, achter de neusbrug en is via de hypofysesteel verbonden met de hypothalamus, een onderdeel van de hersenen.


Figuur 2. De hypofyse in relatie tot de omgevende structuren (zijdelings beeld).



Naast de hypofyse, dus aan beide zijkanten ligt een structuur die sinus cavernosus wordt genoemd. Deze structuur bestaat grotendeels uit bloedvaten, vooral kleine aders, maar er loopt ook een belangrijke slagader doorheen (arteria carotis) die het grootste deel van de hersenen van zuurstofrijk bloed voorziet. Enkele zenuwen die zorgen voor de bewegingen van de oogbollen en voor het openen van de oogleden lopen ook door de sinus cavernosus.
Voorkwab en achterkwab
De hypofyse wordt al tussen de vierde en zesde week
van het embryonale leven gevormd doordat een deel van het monddak (zakje van Rathke) zich omhoogbeweegt richting hersenen en daar een kleine uitstulping van het hersengedeelte ontmoet dat later de hypothalamus wordt. Deze twee structuren, die dus uit volledig verschillende weefsels afkomstig zijn, gaan tegen elkaar aan liggen en worden zo de hypofyse. Het zakje van Rathke verliest zijn verbinding met het monddak, maar de hersenuitstulping blijft in contact met de hypothalamus en deze verbinding wordt de hypofysesteel. De volledig verschillende oorsprong van beide hypofysegedeeltes is ook in het volwassen leven nog goed zichtbaar. Het deel afkomstig van het monddak wordt de hypofysevoorkwab, ook wel adenohypofyse genoemd en het deel dat van de hersenen afkomstig is, wordt de hypofyseachterkwab, ook wel neurohypofyse genoemd.
De hypofysevoorkwab bestaat uit een aantal verschillende hormoonproducerende cellen, maar de hypofyseachterkwab bestaat uit uitlopers van zenuwcellen waarvan de cellichamen in de hypothalamus liggen. In feite maakt de hypofyseachterkwab zelf geen hormonen, maar slaat hij hormonen op die in de hypothalamus worden gemaakt. Zowel de hormonen die in de voorkwab worden geproduceerd als de hormonen die in de achterkwab zijn opgeslagen, kunnen via een dicht netwerk van kleine bloedvaatjes (capillairen) gemakkelijk aan het bloed worden afgegeven om in het lichaam hun werk te doen.

Figuur 3. De verschillende bouw en funcite van hypofysevoorkwab en hypofyseachterkwab (zijdelings beeld).


weetje
Hypofysesteel

De hypofysesteel bestaat uit zowel de lange uitlopers van zenuwcellen die richting hypofyseachterkwab gaan als uit een netwerk van bloedvaten waardoor allerlei stimulerende en remmende stoffen uit de hypothalamus vervoerd worden die tot doel hebben de werking van de hypofysevoorkwab te beïnvloeden.





Functie van hypofyse en hypothalamus
De hypofyse behoort tot het endocriene of hormonale systeem. Dit is een systeem dat er onder andere voor zorgt dat allerlei processen in het lichaam goed verlopen door middel van hormonen. Hormonen zijn in feite een soort boodschapperstoffen die geproduceerd worden in een hormoonklier, daarna aan het bloed afgegeven worden en dan door het lichaam vervoerd worden totdat ze aankomen bij een cel van een orgaan of weefsel die de juiste ontvanger (receptor) voor dit hormoon bezit. Hierna wordt het hormoon gebonden aan deze specifieke ontvanger en dit heeft tot gevolg dat er een chemische verandering in die cel ontstaat waardoor een bepaalde gebeurtenis in gang wordt gezet, bijvoorbeeld de productie van een eiwit door die cel. Het hormonale systeem is dus vooral een communicatiesysteem dat werkt via chemische stoffen in het bloed (hormonen). Ook het zenuwstelsel is een communicatiesysteem, maar in dit geval vindt de communicatie niet plaats via stoffen in het bloed, maar via elektrische impulsen.
Het lichaam heeft een aantal verschillende hormoonproducerende organen (hormoonklieren): de geslachtsklieren (eierstokken bij de vrouw en testikels bij de man) zijn wellicht de bekendste, maar ook de schildklier, de bijschildklieren, de bijnieren en (een deel van) de alvleesklier en de nieren behoren tot het endocriene systeem. De laatste jaren is duidelijk geworden dat er ook in andere organen, zoals bijvoorbeeld vetweefsel, het maag-darmkanaal en bloedvaten, hormonen worden gemaakt.
De hypofyse is wellicht de belangrijkste hormoonklier omdat zij niet alleen hormonen maakt die zelf belangrijke taken in het lichaam vervullen (zoals bijvoorbeeld groei en de productie van moedermelk), maar vooral ook omdat de hypofyse – en dan gaat het in dit geval om de hypofysevoorkwab – de werking van drie andere hormoonklieren (namelijk de schildklier, de bijnierschors en de geslachtsklieren – we noemen deze in dit verband ook perifere hormoonklieren) rechtstreeks aanstuurt door de productie van eigen hormonen die de werking van die klieren specifiek stimuleren. Zonder aansturing door de hypofyse kunnen deze drie hormoonklieren dus niet goed functioneren. Daarnaast is de hypofyse ook nog een soort analyselaboratorium waar voortdurend, in het bloed dat erdoorheen stroomt, de hoeveelheid van verschillende lichaamshormonen wordt gemeten. Zo kan de hypofyse ‘beslissen’ of zij de andere hormoonklieren meer of juist minder moet stimuleren met het doel hormoonconcentraties op een gezond peil te houden, niet te veel en niet te weinig. Vanwege deze bijzondere eigenschappen wordt de hypofyse ook wel de ‘meesterklier’ of ‘de dirigent van het hormoonorkest’ genoemd.

De werking van de hypofyse kan goed worden vergeleken met die van een thermostaat van de centrale verwarmingsinstallatie, waarbij we als voorbeeld nemen dat de cv-ketel de schildklier is. Als de cv-ketel onvoldoende werkt (de schildklier werkt niet goed), wordt het te koud in huis (er wordt te weinig schildklierhormoon gemaakt); dit wordt opgemerkt door de thermometer in de thermostaat (het ‘hypofyselaboratorium’) die daarop een signaal stuurt naar de cv-ketel om aan te springen (de hypofyse stuurt via zijn eigen schildklierstimulerend hormoon een signaal naar de schildklier om meer schildklierhormoon te gaan maken); het gevolg is dat het warmer wordt (er wordt nu meer schildklierhormoon gemaakt) en dan is de cirkel rond met een kamertemperatuur (schildklierhormoonspiegel) op een beter niveau. Dit systeem wordt een negatief terugkoppelingssysteem of negatief feedbacksysteem genoemd.
Figuur 4. Principe van de regulatie van de hormoonproductie door de hypofyse (de perifere hormoonklier kan de schildklier, de bijnier of de geslachtsklieren zijn)

Hoewel de feedback van de andere hormoonklieren heel belangrijk is voor de activiteit van de hypofyse, speelt ook de hypothalamus hierin zeker een rol. De hypothalamus produceert namelijk ook een aantal eigen hormonen die via de bloedvaten van de hypofysesteel de cellen van de hypofysevoorkwab bereiken en deze stimuleren of net afremmen. Invloeden van buitenaf zoals bijvoorbeeld stress kunnen via de hypothalamus de productie van hypofysehormonen veranderen.

Hormonen van de hypofysevoorkwab
In de hypofysevoorkwab worden de volgende hormonen geproduceerd en aan het bloed afgegeven:
GH
Prolactine
ACTH
TSH
LH en FSH

We zullen de belangrijkste kenmerken van deze hormonen hieronder de revue laten passeren.

GH
GH is de afkorting voor groeihormoon. Dit is het hormoon dat essentieel is voor de lengtegroei bij kinderen, maar ook bij volwassenen heeft GH een functie onder andere bij de instandhouding van een goede lichaamssamenstelling. GH stimuleert in de lever de vorming van het eiwit IGF-1 (insulin-like growth factor 1) en de meeste effecten van GH verlopen via dit eiwit. De lever is in feite dus het belangrijkste doelwitorgaan van GH. De productie van GH door de hypofysevoorkwab wordt geremd door het hypothalamushormoon somatostatine en gestimuleerd door het hypothalamushormoon GHRH (GH releasing hormone = GH vrijmakend hormoon) en enigszins door het maaghormoon Ghrelin.

Prolactine
Prolactine is het hormoon dat de borstvoeding stimuleert na een bevalling. Het bijzondere van dit hormoon is dat de productie ervan in feite voortdurend geremd wordt door dopamine uit de hypothalamus dat via de hypofysesteel de prolactine producerende cellen in de hypofysevoorkwab bereikt. Dopamine is ook actief als neurotransmitter, een stof die betrokken is bij de prikkeloverdracht tussen zenuwcellen.

ACTH
ACTH is de afkorting van adrenocorticotroop hormoon en dit betekent letterlijk bijnierschors stimulerend hormoon. Een andere naam voor ACTH is corticotropine of corticotrofine. ACTH stimuleert de bijnierschors tot de productie van zijn eigen hormonen, waarvan cortisol de belangrijkste is. De productie van ACTH wordt gestimuleerd door het hypothalamushormoon CRH (corticotropine releasing hormone) en geremd door cortisol via het eerder beschreven negatief feedbacksysteem.

TSH
TSH (thyreoïd stimulerend hormoon) wordt ook wel thyreotropine genoemd. Thyreoïd betekent schildklier en dit hormoon heeft dan ook tot doel om de schildklier te stimuleren om zijn eigen hormonen T4 (thyroxine) en T3 (trijodothyronine) te produceren. Deze laatste hormonen remmen via negatieve terugkoppeling de productie van TSH, terwijl het hypothalamushormoon TRH (thyreotropine releasing hormone) de TSH-productie stimuleert.

LH en FSH

LH en FSH worden samen de gonadotrofines of gonadotropines genoemd en dit betekent letterlijk: stimulerende stoffen voor de geslachtsklieren (gonaden). LH betekent luteïniserend hormoon en FSH betekent follikelstimulerend hormoon. In onderlinge samenwerking zorgen ze bij de man in de testikels voor de productie van het mannelijk hormoon testosteron en van sperma en bij de vrouw in de eierstokken voor de productie van de vrouwelijke hormonen oestrogeen en progesteron en de rijping van eicellen en de maandelijkse eisprong. De productie van de gonadotrofines door de hypofysevoorkwab wordt gestimuleerd door het hypothalamushormoon GnRH (gonadotropin releasing hormone) en via negatieve terugkoppeling geremd door de geslachtshormonen.

Hormonen van de hypofyseachterkwab
Zoals hierboven uitgelegd worden deze hormonen in feite door de hypothalamus geproduceerd en in de hypofyseachterkwab opgeslagen. Door de hypofyseachterkwab worden de volgende hormonen afgescheiden:

ADH/vasopressine
Oxytocine

ADH/vasopressine
ADH is de afkorting van antidiuretisch hormoon en letterlijk betekent het dat dit hormoon de urineproductie remt. Vasopressine is een andere naam voor dit hormoon. Het doelwitorgaan van dit hormoon zijn de nieren waar ADH ervoor zorgt dat we niet te veel water uitplassen.

Oxytocine
Dit hormoon is vooral van belang voor het samentrekken van de baarmoederspieren bij een bevalling en het op gang komen van de borstvoeding. Tegenwoordig is het nogal veel in het nieuws omdat het een rol zou spelen bij affectie en verliefdheid.

Figuur 5. Schematisch overzicht van de verschilende hypofysehormonen en hun doelwitorganen.


Meer over de hypothalamus

De hypothalamus is een van de hersendelen die zeer belangrijk is voor het normaal functioneren van ons lichaam. De hypothalamus bestaat uit verschillende delen die kernen of centra genoemd worden en die alle hun eigen functie hebben. Deze hypothalamuskernen spelen onder andere een rol bij de volgende processen:

Regulatie van bloeddruk en hartslag via het autonome (onwillekeurige) zenuwstelsel.
Regulatie van de lichaamstemperatuur; bij niet goed functioneren van het temperatuurcentrum kan een situatie ontstaan van koudbloedigheid (poikilothermie); dit betekent dat de lichaamstemperatuur niet constant gehouden kan worden op ongeveer 37 °C, maar zich aanpast aan de omgeving.
Regulatie van de eetlust door integratie van verschillende honger- en verzadigingssignalen; bij beschadiging van deze kernen kan bijvoorbeeld een onbedwingbare eetlust ontstaan met grote gewichtstoename tot gevolg.
Regulatie van het dorstgevoel doordat in het dorstcentrum allerlei signalen uit het lichaam worden geïntegreerd.
Regulatie van allerlei bioritmen, zoals het dag-nachtritme en het slaap-waakritme (de biologische klok).
Emoties, seksualiteit.
Sturing van de hormoonproductie in de hypofysevoorkwab.
Productie van de hormonen die in de hypofyseachterkwab worden opgeslagen.

De hypothalamus staat door verbindingen van talloze zenuwcellen in verbinding met veel andere hersendelen, maar ook met inwendige organen zoals het bloedvatstelsel en het maag-darmkanaal en zelfs met de buitenwereld via de reuk- en gezichtszenuwen.



Samenvatting
Onder aan de hersenen hangt de hypofyse, een orgaantje van ca. 1 cm in doorsnee. Het ligt daar goed beschermd in het zogeheten Turks zadel, een uitstulping van de schedelbasis. Aan de bovenzijde is de hypofyse via de hypofysesteel verbonden met nog zo’n belangrijk onderdeel van de hersenen: de hypothalamus. De hypofyse bestaat uit een voorkwab en een achterkwab. De eerste bestaat uit cellen die hormonen produceren: GH (groeihormoon), prolactine (stimuleert borstvoeding), ACTH (bijnierschors stimulerend hormoon), TSH (schildklier stimulerend hormoon) en LH en FSH (stimulerende stoffen voor de geslachtsklieren). De hypofyseachterkwab maakt zelf geen hormonen, maar slaat hormonen op die in de hypothalamus worden gemaakt. Daarbij gaat het om ADH/vasopressine (hormoon dat de urineproductie remt) en oxytocine (samentrekken baarmoederspieren/op gang komen borstvoeding).




verder




De hypofyse hapert


Dit boek is bestemd voor mensen bij wie pas hypofyseziekte is vastgesteld en voor de chronische patiënt die al geruime tijd met een hypofyseziekte leeft. Ook de aandoeningen van kinderen komen aan bod.

Auteur(s) : Dr. Pierre Zelissen
Prijs : € 24,95
ISBN : 9789491549021