Hartelijke dank voor uw bijdrage


Auteur:
Dr. Pierre Zelissen
 
In samenwerking met :  

Nederlandse Hypofysestichting


lettergrootte: A  A  A
Invloed van andere aandoeningen of omstandigheden op hypofyse- en hypothalamusfunctie

Veroudering
Bij het ouder worden verandert er heel weinig aan de functie van de hypothalamus en hypofyse. De enige uitzondering is dat de productie van GH geleidelijk afneemt bij het ouder worden. Mogelijk speelt dit een rol bij het afnemen van de spiermassa en spierkracht, het zwakker worden van de botten en het gemakkelijk krijgen van een ‘buikje’. Als volwassenen met hypopituïtarisme met GH worden behandeld, is het ook bijna altijd nodig om de dosis van het GH geleidelijk te verminderen als ze ouder worden ter voorkoming van bijwerkingen. Ook de dosis van schildklierhormoon moet vaak iets worden verlaagd bij ouderen, maar dit wordt verklaard doordat schildklierhormoon wat minder goed wordt afgebroken op oudere leeftijd.

Obesitas (ernstig overgewicht)
De opvallendste verandering in hypothalamus-hypofysefunctie bij mensen met ernstig overgewicht is een forse afname van de GH-productie. Bij mannen met obesitas wordt regelmatig een verlaagd testosterongehalte in het bloed gemeten. Dit is echter meestal een drogbeeld doordat het testosteronbindende eiwit (SHBG = sex hormone binding globuline) verlaagd is en daardoor het totale testosteron ook verlaagd gemeten wordt; soms echter is er sprake van een reëel verlaagd testosteron doordat oestrogenen die in vetweefsel worden gemaakt de LH-afgifte onderdrukken. Na gewichtsverlies verdwijnen deze afwijkingen meestal.
Anorexia nervosa
Anorexia nervosa gaat vaak gepaard met stoornissen in de hypothalamus- en hypofysefunctie. Het meest bekende verschijnsel is het ophouden van de menstruatiecyclus door onvoldoende productie van GnRH door de hypothalamus. Ook de stimulatie van de schildklierfunctie door TRH en TSH is vaak licht verlaagd, terwijl de activiteit van het hypothalamus-hypofyse-bijnierschorssysteem vaak verhoogd is (hoge cortisolspiegels). Ook de GH-productie is meestal hoog; dit is het gevolg van het feit dat de lever minder IGF-1 maakt en er daardoor minder negatieve terugkoppeling richting hypofyse is. Deze hormonale afwijkingen hebben verder geen klinische consequenties (met uitzondering van het niet menstrueren dat wel negatieve gevolgen kan hebben). Na gewichtstoename verdwijnen deze hormoonafwijkingen in de regel.





terug verder




De hypofyse hapert


Dit boek is bestemd voor mensen bij wie pas hypofyseziekte is vastgesteld en voor de chronische patiënt die al geruime tijd met een hypofyseziekte leeft. Ook de aandoeningen van kinderen komen aan bod.

Auteur(s) : Dr. Pierre Zelissen
Prijs : € 24,95
ISBN : 9789491549021