Hartelijke dank voor uw bijdrage


Auteur:
Drs. Bep Franke en dr. Jan Dirk Banga
 
In samenwerking met :  



lettergrootte: A  A  A
Gerelateerde trefwoorden

ACE-remmer
type bloeddrukverlager dat de werking van het Angiotensine Converting Enzyme remt en daardoor een bloedvatverwijdend effect heeft. Wordt vooral gebruikt bij de behandeling van hoge bloeddruk
 
acetylsalicylzuur
de werkzame stof in aspirine
 
ader
bloedvat voor het vervoer van bloed van de verschillende lichaamsdelen naar het hart
 
afasie
letterlijk: geen-spraak. Taal- en/of spraakstoornis als gevolg van een hersenbeschadiging, bijvoorbeeld na een beroerte
 
alteplase
middel dat een bloedstolsel kan oplossen
 
amaurosis fugax
tijdelijke blindheid aan een oog
 
aneurysma
verwijding van de bloedvaten, voornamelijk de slagaders. Onder invloed van hoge bloeddruk kan een aneurysma scheuren
 
angiogram
röntgenfoto van een bloedvat. Door in het bloedvat een stof in te spuiten (een onschadelijk contrastmiddel) die röntgenstralen tegenhoudt, worden het verloop van het bloedvat en eventueel aanwezige vernauwingen zichtbaar gemaakt
 
Anticoagulantia
Bloedverdunners; medicijnen die ervoor zorgen dat het bloed minder snel stolt.
 
Aorta
De grote lichaamsslagader, die vanuit de linker hartkamer ontspringt.
 
Apoplexie
Een verouderde term voor hersenbloeding.
 
Apraxie
Een geheel of gedeeltelijk onvermogen om bepaalde handelingen uit te voeren zonder dat er sprake is van een verlamming (zoals het niet meer weten hoe men een broek aan moet trekken of waar een vork voor dient). Dit kan het gevolg zijn van een hersenbescha
 
Arterie carotis communis
Halsslagader; slagader aan de voorkant van de hals waardoor bloed stroomt naar de hersenen.
 
Arterie carotis interne
de aftakking van de halsslagader die de schedel induikt.
 
Arterie cerebri
Hersenslagader is grote slagader in de hersenen.
 
Arterie vertebralis
Wervelslagader, slagader voor het vervoer van bloed naar de hersenen. De wervelslagaders lopen aan de achterkant van de hals.
 
Aspiratie
Het vanuit de slokdarm in de longen terechtkomen van vloeistof of vast voedsel tijdens de inademing.
 
Aspireren
Het voedsel loopt vanuit de slokdarm terug in de keel en komt met het ademhalen in de longen terecht.
 
Ataxie
Stoornis van de coördinatie van de spieren als gevolg van een aandoening van de hersenen. Een coördinatiestoornis van de spieren van de benen leidt tot een loopstoornis die als 'stuurloos' wordt ervaren.
 
atherosclerose
cholesterolophoping in de vaatwand
 
Atherosclerotische plaque
Verdikte plaats in de wand van een slagader door een opeenhoping van vetachtige stoffen.
 
Atriumfibrilleren
Hartritmestoornis waarbij de boezem van het hart onregelmatig samentrekt.
 
Attaque
Een verouderde term voor beroerte.
 
bètablokker
type bloeddrukverlager die tevens de hartslag vertraagt
 
Bloeding, intracerebrale
Hersenbloeding waarbij het bloed in het hersenweefsel stroomt.
 
Bloeding, subarachnoïdale
Hersenbloeding waarbij het bloed tussen de hersenvliezen stroomt.
 
Bloedstolsel
Samenklontering van bloedcellen aan de binnenkant van een bloedvat.
 
Bloedverdunners
Medicijnen die ervoor zorgen dat het bloed minder snel stolt.
 
Botulinetoxine
Medicijn waarmee spieren tijdelijk en gedeeltelijk verlamd kunnen worden.
 
calciumantagonisten
type bloeddrukverlager
 
Carotisdissectie
Scheurtje in de binnenste laag van de bloedvatwand in een van de halsslagaders. Een carotisdissectie kan de oorzaak zijn van een beroerte.
 
Cerebellum
De kleine hersenen, gelegen achter en onder de grote hersenen. De kleine hersenen zijn betrokken bij de coördinatie van de spierbewegingen en het evenwicht.
 
Cerebrovasculair accident
Plotselinge functiestoornis van een deel van de hersenen als gevolg van een afsluiting van een bloedvat (herseninfarct) of een hersenbloeding. Wordt ook wel een CVA of een beroerte genoemd.
 
Cholesterol
Vetachtige stof die door het bloed circuleert Cholesterol wordt normaal in het lichaam aangemaakt en zit in onze voeding. Cholesterol vervult in het lichaam diverse belangrijke taken en is nodig voor de opbouw van de celwanden. Een teveel aan cholesterol
 
Cholesterol-syntheseremmers
Stoffen die de aanmaak van cholesterol in de lever beperken, door daar de werking van het enzym HMG-COA-reductase, nodig voor de aanmaak van cholesterol, af te remmen. Worden ook wel statines genoemd.
 
Cirkel van Willis
De verbindingsvaten aan de basis van de hersenen tussen de grote slagaders die bloed vervoeren naar de hersenen.
 
Clippen
Behandeling van een aneurysma door middel van het plaatsen van een klemmetje.
 
Clopidogrel
Een medicijn dat de bloedstolling beïnvloedt via de bloedplaatjes.
 
Coilen
Het aanbrengen van een spiraaltje in een aneurysma, waardoor in het aneurysma een stolsel ontstaat.
 
Collaberen
Flauwvallen. Situatie waarbij de hersenen niet genoeg zuurstof of voedingsstoffen krijgen door een tijdelijke afname van de doorbloeding.
 
Computer Tomografie
Een speciale röntgentechniek om foto's (scans) te kunnen maken van dwarsdoorsneden van organen en waarmee de verschillende weefselsoorten goed van elkaar onderscheiden kunnen worden.
 
Contractuur
Samentrekking van weefsel rond een gewricht, waardoor dit gewricht in een dwangstand komt te staan.
 
Coumarine
Boedverdunnend medicijn.
 
CT
Computer Tomografie, een speciale röntgentechniek om foto's (scans) te kunnen maken van dwarsdoorsneden van organen en waarmee de verschillende weefselsoorten goed van elkaar onderscheiden kunnen worden.
 
CVA
afkorting van cerebrovasculair accident; een plotselinge functiestoornis van een deel van de hersenen als gevolg van een afsluiting van een bloedvat (herseninfarct) of een hersenbloeding. Wordt ook wel beroerte of stroke genoemd
 
Decubitus
Doorliggen, het ontstaan van weefselbeschadiging door langdurige druk op de huid waardoor de bloedvaten worden dichtgedrukt.
 
diabetes mellitus
suikerziekte. Stoornis in de suikerstofwisseling waarbij de alvleesklier onvoldoende insuline afgeeft en waardoor de hoeveelheid bloedsuiker (glucose) in het bloed te hoog is. Dit leidt tot het verlies van suiker en veel water via de nieren
 
diastolische bloeddruk
de onderwaarde van de bloeddruk: de (laagste) druk in de slagaders op het moment dat het hart geen bloed uitpompt en een nieuwe hoeveelheid bloed uit de longen ontvangt
 
Diep veneuze trombose
Het ontstaan van bloedstolsels in de diepe aders van de benen.
 
Dipyridamol
Medicijn dat de bloedstolling beïnvloedt door middel van het remmen van de mogelijkheid van de bloedplaatjes om samen te klonteren tot een stolsel.
 
diuretica
plaspillen; medicijnen die de nieren stimuleren tot het verwijderen van extra vloeistof uit het bloed, met als doel een teveel aan vocht uit het lichaam te verwijderen en/of de bloeddruk te verlagen
 
Dotteren
Behandeling van een vernauwd gedeelte van een slagader (meestal een kransslagader van het hart) ook PTCA (percutane transluminale coronaire angioplastiek) genoemd. Bij de behandeling wordt een dunne katheter vanuit de lies via de slagaders opgeschoven naa
 
Drop attack
Het plotseling voorover vallen, zonder dat er sprake is van bewustzijnsverlies.
 
Duplex
Onderzoek van de bloedvaten met geluidsgolven.
 
Duplexscanner
Apparaat waarmee door middel van geluidsgolven organen binnen het lichaam op een beeldscherm zichtbaar gemaakt kunnen worden. Wordt ook gebruikt om tijdens de zwangerschap de vrucht te bekijken.
 
Dysartrie
Een spraakstoornis door problemen met het bewegen van de spieren van de mond, tong en keel, waardoor de spraak slecht verstaanbaar wordt.
 
embolie
Een prop van bloedcellen of soms vetachtige stoffen of een luchtbel in de bloedbaan. Een embolie kan de oorzaak zijn van een blokkade in een slagader en veroorzaakt dan een infarct.
 
Epilepsie
Staat bekend als 'vallende ziekte'. Hersenziekte die zich kenmerkt door aanvallen van ongecontroleerde overmatige activiteit van bepaalde delen van de hersenen, waardoor toevallen kunnen ontstaan. Deze kunnen zich voordoen in diverse vormen, zoals spiertr
 
Flauwvallen
Situatie waarbij de hersenen niet genoeg zuurstof of voedingsstoffen krijgen door een tijdelijke afname van de doorbloeding.
 
Frontaalkwab
Voorhoofdskwab; het aan de voorzijde gelegen deel van de hersenen, dat onder meer van belang is voor het nemen van beslissingen en het regelen van gedrag.
 
Geheugenverlies, tijdelijk
Geheugenverlies waarbij iemand gedurende enkel uren niets meer kan onthouden.
 
glucose
dextrose of druivensuiker, het kleinst mogelijke koolhydraat. Circuleert in het bloed en heet dan ook wel bloedsuiker
 
Halfzijdige verlamming
Een verlamming van een kant van het lichaam.
 
Halsslagader
Slagader aan de voorkant van de hals waardoor bloed stroomt naar de hersenen.
 
Hemianopsie
Uitval van een deel van het gezichtsveld door hersenbeschadiging.
 
Hemiplegie
Halfzijdige verlamming, een verlamming van een kant van het lichaam, als gevolg van een hersenaandoening (beroerte, tumor, trauma).
 
Hemisfeer
Hersenhelft, in de betekenis van linker- of rechterhelft van de grote hersenen.
 
Hersenbalk
De zenuwbaan die de verbinding vormt tussen de linker- en de rechterhelft van de grote hersenen.
 
Hersenen, kleine
Deel van de hersenen dat gelegen is achter en onder degrote hersenen. Ze zijn betrokken bij de coördinatie van spierbewegingen en het evenwicht.
 
herseninfarct
ook cerebrovasculair accident genoemd. Hersenvaatjes slibben dicht door vaatverkalking (arteriosclerose) of door een propje bloed (infarct)
 
Hersenoedeem
Zwelling van de hersenen door het lekken van vocht uit de bloedvaten in het hersenweefsel, veroorzaakt door een beschadiging van de bloedvatwand.
 
hersenstam
deel van de hersenen dat het ruggenmerg en de grote hersenen verbindt
 
high density lipoprotein
hoge-dichtheid-lipoproteïne, heeft als unieke eigenschap dat het overtollig cholesterol kan opnemen en kan terugbrengen naar de lever
 
Homocysteïne
Stof die ontstaat bij de stofwisseling van eiwitten. Een verhoogd homocysteïnegehalte in het bloed is een risicofactor voor beroertes.
 
Hypertonie
Verhoogde spanning van de spieren.
 
hypoglycemie
verlaagde bloedglucosewaarde; meestal worden hiermee vooral de erbij optredende klachten bedoeld
 
insuline
hormoon dat in de alvleesklier wordt gemaakt. Het zorgt dat glucose uit het bloed de cellen in de weefsels in kan gaan en verlaagt zo het bloedglucosegehalte
 
Intracerebrale bloeding
Hersenbloeding waarbij het bloed in het hersenweefsel stroomt.
 
Kernen
Groepen zenuwcellen met een eigen taak.
 
Kleine hersenen
Deel van de hersenen gelegen achter en onder de grote hersenen. Ze zijn betrokken bij de coördinatie van spierbewegingen en het evenwicht.
 
laparoscopie
operatie waarbij de buik niet wordt opengemaakt maar via een paar gaatjes in de buik een camera en instrumenten in de buik worden gebracht, waarmee de operatie uitgevoerd kan worden
 
Locked-in-syndroom
Syndroom dat kan ontstaan na een infarct in de hersenstam. De patiënt is volledig verlamd, alleen de ogen kunnen nog bewegen.
 
Low Density Lipoproteïne
Een van de drie typen lipoproteïnen (een koppeling tussen een vet en een eiwit) of transportdeeltjes voor vetten (ondermeer cholesterol) in het bloed. Dit type transportdeeltje voert overtollig cholesterol (zie LDL-cholesterol) af, onder meer vanuit de bl
 
Lumbaalpunctie
Door middel van een dunne naald (ruggenprik) aftappen van hersenvocht uit het ruggenmergkanaal.
 
Ménière, ziekte van
in aanvallen optredende draaiduizeligheid met oorsuizen, braken en gehoorverlies
 
migraine
Hoofdpijn in aanvallen die ontstaat door een tijdelijke verkramping van de bloedvaten in de hersenen, voorafgegaan door of gepaard gaand met misselijkheid en soms brake, overgevoeligheid voor licht of geluid en auraverschijnselen
 
Motorische schors
Gebied in de grote hersenen dat de bewegingen van de spieren aanstuurt.
 
MRI
Magnetic Resonance Imaging, beeldvorming van interne organen en structuren met behulp van magnetische velden
 
multiple sclerose
auto-immuunziekte waarbij het centrale zenuwstelsel wordt aangetast
 
Neglect
Neurologische stoornis in de hersenen, waardoor iemand zich niet bewust is van één kant van zijn lichaam en niets waarneemt uit de omgeving aan één kant van zijn lichaam. Ook wel verwaarlozing genoemd.
 
Occipitaal kwab
Het achterste deel van de grote hersenen.
 
Occipitaalkwab
Achterhoofdskwab, het aan de achterkant gelegen deel van de grote hersenen, onder meer van belang voor de verwerking van de informatie die ons via de ogen bereikt.
 
Paraesthesie
Gevoelsstoornis die gepaard gaat met een prikkelend of tintelend gevoel.
 
Pariëtaal kwab
Wandbeenkwab; het deel van de grote hersenen, gelegen aan de zijkant van de hersenen.
 
Plaatjesremmers
Medicijnen die het samenklonteren van de bloedplaatjes beïnvloeden.
 
Progressive stroke
Een geleidelijke verergering van de symptomen van een beroerte.
 
Schors, sensibele
Gebied in de grote hersenen waar de informatie vanuit de huid, de gewrichten en de spieren binnenkomt.
 
Sensibele schors
Gebied in de grote hersenen waar de informatie vanuit de huid, de gewrichten en de spieren binnenkomt.
 
Slagader
Bloedvat waarin bloed stroomt vanaf het hart naar de verschillende lichaamsdelen.
 
Slagaderverkalking
Het nauwer worden van de bloedvaten door opslag van vetachtige stoffen in de vaatwand.
 
statines
cholesterolverlagers, stoffen die de aanmaak van cholesterol in de lever beperken, door daar de werking van het enzym HMG-COA-reductase, nodig voor de aanmaak van cholesterol, af te remmen
 
Stent
Verend buisje in een bloedvat waarmee de wand van het bloedvat enigszins naar buiten wordt geduwd om een vernauwing in een bloedvat op te heffen.
 
Stroke
Engelse term voor beroerte.
 
Stroke unit
Speciale afdeling voor de zorg van patiënten met een beroerte.
 
Subarachnoïdale bloeding
Hersenbloeding waarbij het bloed tussen de hersenvliezen stroomt.
 
Syndroom van Wallenberg
Combinatie van uitvalsverschijnselen door een infarct in de hersenstam.
 
Systolische bloeddruk
De bovenwaarde van de bloeddruk: de (hoogste) druk in de slagaders op het moment dat het hart een nieuwe hoeveelheid bloed uitpompt.
 
Temporaalkwab
Slaapkwab, het aan de zijkant gelegen deel van de hersenen, die onder meer van belang is om aanwezige informatie uit het geheugen op te diepen.
 
TIA
Afkorting voor transient ischemic attack, voorbijgaande beroerte
 
Tijdelijk geheugenverlies
Geheugenverlies waarbij iemand gedurende enkel uren niets meer kan onthouden.
 
Transient Ischaemic Attack
Een tijdelijke uitval van de functie van een deel van de hersenen als gevolg van een tijdelijke, kortdurende afsluiting van de bloedstroom in een bloedvat. Een TIA is vaak een voorbode van een permanente afsluiting (zie CVA).
 
Trombolyse
Het oplossen van een bloedstolsel.
 
trombose
vaatverstopping door bloedstolselvorming
 
Trombose, diep veneuze
Het ontstaan van bloedstolsels in de diepe aders van de benen.
 
Trombus
Een samenklontering van bloedcellen aan de binnenkant van een bloedvat.
 
Vaatlijden
Slagaderverkalking is een belangrijke oorzaak van verschillende aandoeningen van hart en bloedvaten. Bij slagaderverkalking zijn de wanden van de slagaders plaatstelijk verhard en verdikt.
 
Verwaarlozing
Neglect; situatie waarbij iemand zich niet bewust is van één kant van zijn lichaam en hij niets waarneemt uit de omgeving aan een kant van zijn lichaam.
 
Wallenberg, syndroom van
Combinatie van uitvalsverschijnselen door een infarct in de hersenstam.
 
Wandbeenkwab
Deel (aan de zijkant) van de grote hersenen.
 
Wervelslagader
Slagader voor het vervoer van bloed naar de hersenen. De wervelslagaders lopen aan de achterkant van de hals.
 
Willis, Cirkel van
De verbindingsvaten aan de basis van de hersenen tussen de grote slagaders die bloed vervoeren naar de hersenen.
 
ziekte van Ménière
in aanvallen optredende draaiduizeligheid met oorsuizen, braken en gehoorverlies