Hartelijke dank voor uw bijdrage


Auteur:
Drs. Bep Franke en dr. Jan Dirk Banga
 
In samenwerking met :  



lettergrootte: A  A  A
Wat is slagaderverkalking?

Slagaderverkalking of atherosclerose is een belangrijke oorzaak van verschillende aandoeningen van hart en bloedvaten. Bij slagaderverkalking zijn de wanden van de slagaders plaatselijk verhard en verdikt. Die verharde en verdikte plekken noemen we atherosclerotische plaques of atheromen. De plaques kunnen heel lang bestaan voordat iemand er zelf iets van merkt. Als ze aanleiding geven tot klachten, dan kunnen er zeer ernstige tot levensbedreigende situaties ontstaan.

Slagaders en aders
In het Nederlands gebruikt men voor slagaderverkalking vaak de term aderverkalking, maar slagaderverkalking is een betere naam, want slagaderverkalking komt alleen voor in de slagaders en niet in de aders.
Het bloedvatenstelsel kent slagaders en aders. De slagaders (arteriën) zijn de bloedvaten die het bloed vanuit het hart vervoeren naar de verschillende weefsels en organen. De aders (venen) voeren het bloed terug naar het hart. Slagaders hebben stevige elastische wanden. Die elasticiteit is nodig om de drukverschillen in het vat op te vangen. Deze drukverschillen ontstaan door de hartslag. Bij iedere slag stroomt het bloed met grote snelheid en onder hoge druk uit het hart in de slagaders. De elastische wanden van de slagaders vangen de druk voor een deel op door enigszins naar buiten te veren. Na elke hartslag veren ze weer terug. Ze verminderen daarmee de bloeddrukdaling die optreedt tijdens het ontspannen van het hart. Op die manier zorgen ze ervoor dat de drukverschillen in het bloedvat niet te groot worden.
De binnenbekleding van een bloedvat bestaat uit een enkele laag van cellen. Die bekleding noemen we het endotheel. Dit endotheel geeft stoffen af aan het bloed, die een belangrijke rol spelen in de elasticiteit van de vaatwand en bij het stollen van het bloed. Wanneer het endotheel niet goed functioneert, spreken we van endotheeldisfunctie. De elasticiteit van de vaten vermindert - iemand krijgt stijve vaten - en de kans op stollen van het bloed in de vaten neemt toe. Het niet goed functioneren van het endotheel gaat vaak samen met slagaderverkalking. Het kan zelfs vaak al worden aangetoond voordat slagaderverkalking optreedt.

Beloop van de aandoening
Hoe de ontwikkeling van slagaderverkalking verloopt, is niet goed bekend. De meeste wetenschappers denken dat het begint met kleine beschadigingen aan de binnenkant van de vaatwand. Er zijn een heleboel factoren bekend die kleine beschadigingen kunnen veroorzaken, zoals een continue hoge druk op de wand (hoge bloeddruk) of een hoog gehalte aan cholesterol of nicotine in het bloed. Ook een te hoge concentratie van glucose in het bloed (bloedsuiker) bevordert de slagaderverkalking.
Als de vaatwand beschadigd is, start een op een ontsteking gelijkend proces om de schade te herstellen. Er stromen cellen van het afweersysteem naar de aangetaste plaats en in de vaatwand hopen zich vetachtige stoffen op. Later wordt er vaak ook kalk afgezet in de zieke vaatwand. Daar komt dan ook de naam verkalking vandaan. Op den duur komt het proces weer tot rust. Er blijft een dikke verharde plek achter in de vaatwand.
Het atherosclerotische proces kan ieder moment opnieuw opvlammen. Perioden van rust en activiteit wisselen elkaar af. De eerste plaques zijn vaak al te vinden bij kinderen, maar naarmate mensen ouder worden, neemt het aantal en de omvang van de plaques toe. Echte klachten ontstaan er meestal pas op middelbare leeftijd, maar bij sommige mensen ontwikkelt de slagaderverkalking zich heel snel.

Gevolgen
Het duurt meestal tientallen jaren voor slagaderverkalking tot klachten leidt. Dergelijke klachten ontstaan als de verdikte plekken de bloedstroom belemmeren of als er stolsels ontstaan op de aangetaste vaatwand. Op de verdikte plek kan de doorsnede van het vat vernauwd zijn. Daardoor kan er minder bloed door het vat stromen. Vooral bij inspanning levert dat problemen op, aangezien de spieren bij inspanning meer zuurstof nodig hebben. Als nu door de vernauwing de bloedstroom te gering is om aan de gestegen vraag naar zuurstof te voldoen, ontstaan pijnklachten. Zo geeft een vernauwing in de slagaders naar de benen, pijn bij het lopen. Bij een vernauwing van een slagader naar het hart, ontstaat pijn op de borst en een benauwd gevoel. Hoe groter het zuurstoftekort is als gevolg van de vernauwing, hoe ernstiger de klachten.
Een atherosclerotische plaque wordt maar zelden zo groot dat hij een slagader helemaal afsluit. Wel bestaat het gevaar dat de binnenbekleding van het vat - het endotheel - bovenop een plaque kapot scheurt. De inhoud van de plaque komt dan in aanraking met het bloed. Zodra dat gebeurt, gaat het bloed stollen en ontstaat er een bloedstolsel op de plaque. De medische naam hiervoor is atherotrombose. Zo'n bloedstolsel (trombus) kan in korte tijd de slagader wel geheel of gedeeltelijk afsluiten.
Soms breekt er een stukje van het bloedstolsel af. Dit afgebroken stukje (embolie) wordt vervolgens met de bloedstroom meegevoerd. Het kan verderop in het bloedvatenstelsel vastlopen en daar een afsluiting veroorzaken. In het weefsel achter de afsluiting stokt dan de bloedstroom, waardoor het weefsel geen zuurstof meer krijgt (ischemie) en afsterft. Er ontstaat zo een infarct.

Een van de slagaders die zorgt voor de bloedvoorziening van het hart is ernstig aangetast door slagaderverkalking (tekening links). Op de kapotte vaatwand is een bloedstolsel ontstaan (tekening rechts). De afsluiting door het bloedstolsel blokkeert de bloedstroom naar een deel van het hart (donkere gebied in tekening links.


Het simpel aanwezig zijn van een plaque leidt lang niet altijd tot atherotrombose. Wat nu precies de oorzaak is van het kapot gaan van de bekleding op de plaque, is niet bekend. Maar het is wel duidelijk dat een bloedstolsel ernstige gevolgen kan hebben, bijvoorbeeld als een deel van de hartspier of de hersenen plotseling verstoken is van bloedtoevoer.

Aneurysma
Slagaderverkalking tast ook de veerkracht van de vaatwand aan en kan daardoor niet alleen leiden tot vernauwing van een bloedvat, maar ook tot verwijding ervan. De aangetaste wand kan de bloeddruk in het vat niet goed meer opvangen en rekt geleidelijk uit. Daardoor ontstaat er een aneurysma. De uitgerekte vaatwand kan op een gegeven moment zo verzwakt zijn, dat hij openscheurt. Het bloed stroomt dan in het omringende weefsel. Een aneurysma kan ontstaan in de grote lichaamsslagader of aorta. Wanneer een aneurysma in de aorta openscheurt, ontstaat er een levensgevaarlijke situatie waarvoor onmiddellijk chirurgisch ingrijpen nodig is.

De tekening rechts toont een normale slagader met aftakkingen. Links is de vaatwand uitgezet tot een soort ballon, een aneurysma. De vaatwand is niet meer opgewassen tegen de bloeddruk en rekt steeds verder uit. De kans bestaat dat de uitgerekte vaatwand openscheurt. Naarmate de wand meer is uitgerekt, stijgt het risico op scheuren.

Zijn alle slagaders aangetast?
Slagaderverkalking tast alle slagaders in meer of mindere mate aan. Klachten als gevolg van slagaderverkalking kunnen daardoor in verschillende organen voorkomen. Er zijn wel plaatsen in het lichaam aan te wijzen die vaak het eerst zijn aangetast en waar het proces het snelst verergert. Deze voorkeursplaatsen zijn:
- De halsslagaders, vooral op de plaats waar de halsslagaders zich splitsen in een tak die naar het gelaat loopt en een tak die naar de hersenen gaat.
- De kransslagaders. De kransslagaders zorgen voor de bloedvoorziening van de hartspier.
- De aorta of grote lichaamsslagader. De aorta is de grote slagader die het bloed van het hart afvoert. Van deze grote slagader splitsen zich kleinere slagaders af naar allerlei weefsels en organen. Een beruchte plek is de splitsing van de aorta in de twee slagaders die naar de benen gaan (de bifurcatie). Een andere beruchte plek is de aortaboog. De aortaboog is het deel van de aorta dat vlak bij het hart ligt. In de boog ontspringen verschillende zijtakken, onder andere de armslagaders en de halsslagaders. Ook op andere afsplitsingen van de aorta, zoals bij de afsplitsing van de slagaders naar de nieren en de slagaders naar de darmen, zijn vaak atherosclerotische plaques te vinden.
- De dijbeenslagader op de plaats waar deze overgaat in de knieslagader, ongeveer een handbreedte boven de knie.
- Het bovenste deel van de onderbeenslagaders.

Sluipende moordenaar
Een atherosclerotische plaque ontwikkelt zich sluipend, over vele jaren, maar men kan zelf wel invloed uitoefenen op de snelheid van het proces. Het proces gaat bijvoorbeeld sneller bij iemand die rookt, voornamelijk een zittend en inactief leven leidt en ongezond eet. Risicofactoren, zoals een verhoogde bloeddruk, overgewicht, een verhoogd glucosegehalte of een verhoogd cholesterolgehalte in het bloed versnellen het proces eveneens. Het is niet mogelijk om slagaderverkalking weer volledig te laten verdwijnen en opnieuw de vaatwanden van een jong kind te krijgen. De behandeling richt zich op het afremmen en terugdringen van het proces en op het herstellen van de functie van het endotheel.
De factoren die het proces van slagaderverkalking versnellen, moeten worden aangepakt in de behandeling om het risico op hart- en vaatziekten te verminderen. Door de verdere ontwikkeling van atherosclerotische plaques te verhinderen, daalt de kans op (nieuwe) vernauwingen of afsluitingen in de slagaders. Het bestrijden van deze risicofactoren moet goed en consequent gebeuren, gedurende de rest van het leven. Dat vergt discipline, want iemand merkt op de korte termijn weinig of niets van de genomen maatregelen. Hij of zij voelt zich niet gezonder door een lagere bloeddruk of door een lager cholesterolgehalte in het bloed. Soms valt het moeilijk om de veranderde leefwijze te blijven toepassen en de medicijnen niet te vergeten. Dan is het belangrijk om te beseffen dat slagaderverkalking een sluipende moordenaar is die plotseling kan toeslaan in de vorm van een hart- of herseninfarct.

Aandoeningen van hart- en bloedvaten
Hart- en vaatziekten vormen in ons land de belangrijkste oorzaak voor overlijden. Eenderde van de mensen overlijdt als gevolg van een hart- of vaatziekte. Jaarlijks zijn dat er ongeveer 50.000, gemiddeld 136 mensen per dag.
Bij de aandoeningen van hart- en bloedvaten onderscheidt men ziekten van de aders en ziekten van de slagaders. Ziekten van de aders zijn bijvoorbeeld spataders en een trombosebeen, maar in de aders treedt geen slagaderverkalking op. De slagaderverkalking speelt een belangrijke rol in de ziekten van de slagaders. Bij de slagaders onderscheidt men drie stroomgebieden:
- de circulatie in en naar de hersenen (de cerebrale circulatie);
- de circulatie naar het hart (de coronaire circulatie);
- de rest (de perifere circulatie).

De cerebrale circulatie omvat de slagaders in de hersenen en de halsslagaders die zorgen voor de bloedtoevoer naar de hersenen. Bij stoornissen in deze circulatie ontstaan neurologische ziekten zoals een beroerte of een TIA. Bij een beroerte valt plotseling een deel van de hersenen uit omdat er geen bloedstroom meer is. Daardoor ontstaan uitvalsverschijnselen zoals een halfzijdige verlamming, spraakproblemen of problemen met zien.
Een beroerte kan ontstaan door een verstopping in een hersenslagader (herseninfarct) of omdat op een verzwakte plek de wand van een slagader kapot scheurt (hersenbloeding). Een hersenbloeding heeft voor een belangrijk deel dezelfde risicofactoren als een herseninfarct. Een TIA is een herseninfarct waarbij de uitvalsverschijnselen slechts kort duren en weer helemaal verdwijnen. Het afsluitende bloedstolsel wordt door de bloeddruk verkruimeld en weggeduwd, of lost op door stolseloplossende stoffen in het bloed. Daardoor komt de bloedstroom weer op gang voordat er ernstige schade is aangericht.
De coronaire circulatie wordt verzorgd door de kransslagaders. Stoornissen in deze circulatie leiden tot hartziekten zoals angina pectoris (hartkramp), hartinfarct (hartaanval of myocardinfarct) en hartfalen (decompensatio cordis). Angina pectoris ontstaat door een vernauwing in een kransslagader. Daardoor krijgt iemand klachten van benauwdheid en pijn op de borst. Die pijn ontstaat door een gebrek aan zuurstof in de hartspier. Bij een hartinfarct is één van de kransslagaders door een stolsel afgesloten. Daardoor krijgt een stukje van de hartspier geen bloed meer en sterft af. Bij iemand met hartfalen is de pompkracht van de hartspier ernstig verzwakt. De hartspier is aangetast door ziekte of een infarct en daardoor niet meer in staat om te zorgen voor voldoende bloedcirculatie door het lichaam.
De perifere circulatie omvat de gehele bloedsomloop met uitzondering van die van hart en hersenen. Bij stoornissen in de perifere circulatie spreken we van perifeer arterieel vaatlijden, vaak afgekort als pav. Onder de naam etalagebenen (claudicatio intermittens) kennen we bijvoorbeeld een perifere vaataandoening van de circulatie in de benen. Door vernauwing in de beenslagaders ontstaat pijn bij het lopen. Op dat moment is er niet genoeg zuurstof in de beenspieren. De persoon met deze aandoening moet dan even stil staan en wachten tot er voldoende bloed is aangevoerd in de spieren en de zuurstofvoorziening van de spieren weer op peil is. Als de spieren weer voldoende zuurstof hebben, zakt de pijn en kan men weer verder lopen. Omdat het zo raar is om midden op straat stil te gaan staan, blijft zo iemand dan even voor een etalage wachten. Daar komt dus de naam etalagebenen vandaan.
De belangrijkste doodsoorzaken van mensen die overlijden aan een hart- of vaatziekte zijn het acute hartinfarct en de beroerte. Zij vormen ongeveer de helft van de doodsoorzaken bij hart- en vaatziekten. Een infarct kan echter ook op andere plaatsen in ons lichaam ontstaan, bijvoorbeeld in de darmen of de nieren of in de longen.

Samenhang met risicofactoren
Hoe het komt dat de een last heeft van een hartziekte, de ander van etalagebenen en weer iemand anders een beroerte krijgt, is onbekend. Er is wel enige samenhang tussen vaatziekte en risicofactoren. Bij een hoge bloeddruk treedt eerder een beroerte op en bij een hoog cholesterolgehalte vaker een hartinfarct. Je kunt het echter niet strikt scheiden. Bij iemand met een complicatie door slagaderverkalking in het ene stroomgebied, zijn doorgaans ook de andere stroomgebieden aangetast. Het is daarom belangrijk om niet alleen aandacht te schenken aan de rechtstreekse gevolgen van het hartinfarct, de beroerte of het perifere vaatlijden, maar ook aan het bestrijden van de risicofactoren voor de slagaderverkalking.




verder